Maandelijks Archief: juni 2017

Ik probeer altijd erg hip en bijdetijds te zijn, maar sommige hypes zijn alweer helemaal overgewaaid voordat ik in de gaten heb dat er iets aan de hand was. Neem nu die spinners. Ik zag die voor het eerst hier op de braderie. Als er een plek is waar je achterhaalde rages tegenkomt, is het daar wel.

Wie een beetje trendgevoelig is, koopt zijn spulletjes natuurlijk niet op een braderie. Kraam na kraam lag vol met die gekke draaidingetjes. Ik had ze nog nooit gezien, maar het scheen een ding te zijn.

Nu, een paar weken later, raken ze ze aan de straatstenen al niet meer kwijt en liggen ze overal in de uitverkoopbakken. Vandaar dat mijn man er met twee thuiskwam. Eén voor hemzelf en één voor mij. Ze schijnen goed te zijn voor de concentratie. “Zo moet je dat doen”, deed hij voor.

Maar daar moet je met mijn gestoorde motoriek natuurlijk niet mee aankomen. Ik kreeg mijn spinner niet aan het spinnen. Ik kreeg mijn draai duidelijk niet gevonden. Anton kreeg al snel medelijden en heeft me uit mijn lijden verlost. “Geef maar hier.” Nu zit hij af en toe te spinnen en ik zoek andere manieren om me te concentreren. Dat lukt me gelukkig ook nog zonder kinderspeelgoed.

Dat hebben wij weer. Een gillend gekkie op drie hoog in het appartementengebouw aan de overkant. Erger nog. Het zijn er ondertussen twee. Op dag 2 stuurde mevrouw gekkie haar man om vanaf het balkon te vertellen wat ik wel en niet met Billy en zijn poep mocht doen.

Vooropgesteld: het is erg vervelend als je met pensioen wordt gestuurd en je met je tijd geen raad meer weet. Als je dan ook nog gaat dementeren en je van alles in je hoofd haalt wat er niet is, is dat voor niemand fijn. Ook niet voor ons.

Het echtpaar heeft in de gaten gekregen dat wij Billy meestal rond vijf uur uitlaten. Meneer gekkie stond al te wachten op het balkon. Toen ik genoeg gehoord had, deed ik de doppen van mijn iPod weer in mijn oren en kuierde ik aan. Het zakje met Billypoep liet ik achter in de daarvoor bestemde afvalbak.

Op dag 3 besloot ik mijn uitlaatrondje al om vier uur te doen. Omdat ik dat gemauw wel een beetje zat was en om te kijken wat er zou gebeuren. Meneer gekkie heeft vanaf vijf uur twee uur lang op zijn balkon staan wachten. Zelfs in de regen. Waarschijnlijk denkt hij dat hij gewonnen heeft en dat we Billy nu ergens anders uitlaten. Wat zal het een feest geweest zijn in het gekkiehuis. Al moeten ze nu weer iets anders gaan zoeken om zich aan te ergeren.

Weet je waar ik zo moe van word tegenwoordig? Dat iedereen vindt dat hij altijd gelijk heeft en dat hij ook meteen zijn zin moet krijgen. Dat je er ook op een andere manier tegenaan kunt kijken of dat de waarheid wel eens anders zou kunnen zijn, komt niet in ze op. Het is net of de wereld één grote kleuterschool is.

Tegenwoordig laten we Billy uit op het parkeerterrein bij onze flat. Dan plast hij in een gootje en zijn poep ruimen we keurig op. Met een zakje en dat gaat dan in een afvalbak die aan een lantaarnpaal hangt.

Gisteren had ik een aanvaring met een bejaarde. Vanaf een balkon van de flat aan de overkant schreeuwde ze me toe. Dat ik die zakjes niet in die bakken mocht doen, want dat stonk zo. Nou dat zal nogal meevallen. Ik rook beneden niets, dus dan zal het voor haar op drie hoog ook nogal meevallen.

“Die bakken zijn daarvoor bedoeld”, riep ik terug, want er zitten stickers op die dat aangeven: voor afval en hondenpoep. Maar dat was volgens haar niet waar. Nadat ik me nog een paar keer herhaald had, dropte ik het volle zakje in de bak en liep ik met Billy naar binnen. Misschien kan ik het huisnummer van dat viswijf nog achterhalen, dan weet ik inderdaad nog wel een betere plek.

Als ik om me heen kijk, zie ik steeds meer mensen die obsessief bezig zijn met sporten. Omdat dat goed voor je is. Ik ben daar zelf niet zo van. Hoeveel mensen vallen er niet dood neer tijdens een marathon, omdat ze te veel van hun lijf gevraagd hebben? Ik wil best bewegen, maar het moet wel nut hebben.

Vroeger heb ik een tijdje gezwommen, maar hoeveel baantjes kun je trekken voordat je uit complete verveling naar de bodem zakt? Of fitness, ook niet echt iets dat je jaren volhoudt. Daarom kwam ik uit bij fietsen: ik moest toch naar mijn werk. De bekende twee vliegen in één klap.

Maar sinds we zijn verhuisd is woon-werkfietsen geen optie meer. Dus pendel ik af en toe op een vrije zaterdag naar de binnenstad van Eindhoven om wat te gaan shoppen.

Gisteren legde ik de lat wat hoger: de IKEA aan de andere kant van stad om een lamp te gaan halen die ik kapot had laten vallen. Dat had ook maandag gekund, want ik werk er om de hoek, maar ach: de uitdaging. God was het er meteen al niet mee eens, want toen ik de draaideuren uitliep, kreeg ik mijn kettingslot niet meer los. Gelukkig zit er ook een bouwmarkt, waar ik slotspray kon halen, maar de boodschap was duidelijk: sporten is meer iets voor andere mensen.

Als journalist weet je dat een weekend niet heilig is. Het nieuws gaat immers altijd door en moet ook steeds door iemand verslagen worden. Soms moet je op zaterdag werken, soms op zondag en soms allebei. Alles voor het vak.

Ik heb daar geen problemen mee, als die vrije dagen maar een keer komen. Mij maakt het niet uit als mijn ‘weekend’ op maandag en dinsdag of op donderdag en vrijdag valt. Maar soms lukt dat niet en valt je weekend op woensdag en vrijdag en moet je tussendoor nog een dag komen opdraven. Niet ideaal maar vooruit: je moet blij zijn dat je werk hebt.

Deze week valt mijn weekend op zondag. Eén dag dus maar en dat vind ik toch een beetje kort. Maandag moet ik alweer om half zeven beginnen, daarom heb ik mijn dienst op zaterdag wat vervroegd om er toch nog een paar uur bij te smokkelen.

Verder probeer ik mijn vrije tijd zo saai mogelijk in te vullen. Zodat de uren langer lijken te duren. Maar gisteravond gingen we naar het theater en vanmiddag gaan we naar de muziek. Op die manier vliegt het weekend om. Saai en lang of leuk en kort. Wat een dilemma.

Het is de laatste dagen leven op het randje. Op de arbitraire scheidslijn tussen normaal en overgewicht. De ene dag komt er een pondje bij, de volgende dag gaan er weer wat onsjes af. De ene dag ben ik een slanke den, de volgende dag een dikke koe.

Het is nauwelijks te voorspellen wat de weegschaal de volgende dag zal aangeven. Zo kun je zomaar aankomen omdat je de vorige dag te veel sla hebt gegeten. Het is niet eerlijk. Sla!

Of je lichaam beslist dat het vocht gaat vasthouden. Je moet iedere dag genoeg water drinken, maar als de volgende ochtend je ring te strak zit, weet je al genoeg: aangekomen.

En dan zijn er nog die gemene spullen die ze in je eten stoppen. Alles wat uit een potje komt, schijnt tegenwoordig smaakversterkers nodig te hebben. Als er E621 of gistextract in zit (bij de Chinees bekend als ve-tsin), kun je er zonder meer van uitgaan dat je de volgende dag zwaarder bent. Je moet zo ontzettend opletten wat je in je mond stopt. Lijnen met hindernissen.

“Normaal.” Het klinkt allesbehalve opwindend. En wat is normaal? Gewoontjes. Alledaags. Saai. Onorigineel. Het voelde bijna als een belediging toen ik als normaal werd omschreven. Je kunt veel van me zeggen, maar ‘normaal’ is niet iets wat ik vaak te horen krijg.

Mijn kledingkeuze vinden veel mensen niet normaal. Mijn haardracht net zo min. Mijn sandalen. Mijn ongezonde fascinatie door Doctor Who en Suske en Wiske is ook niet normaal. En dat ik hier al veertien jaar stukjes schrijf voor iedereen die het lezen wil. Da’s echt niet normaal.

Maar nu is er eindelijk één categorie waarin ik de kwalificatie normaal verdien. Althans volgens het appje waarin ik mijn pogingen om de nodige kilo’s te verliezen registreer. Tot voor kort leed ik nog aan overgewicht, maar nu val ik in de categorie normaal. Er heeft zich geen jury over gebogen, maar een berekening van mijn BMI kwam uit op 24,9 en dan hoor je bij het normale deel van de bevolking.

Ik moet toegeven dat ik wel een beetje heb gesmokkeld en mijn recente krimp buiten beschouwing heb gelaten. Als lengte heb ik 1,78 meter ingevoerd hoewel dat bij de laatste officiële meting nog maar 1,76 was. Anders kun je met het verstrijken der jaren oneindig blijven lijnen. En dat vind ik dan weer niet normaal.