Categorie: Uncategorized

  

Vandaag voel ik me een bouwvakker. Vanmiddag om halfdrie is mijn eigen bouwvak begonnen. Niet in de stamkroeg om de hoek bij de zaak, maar in onze achtertuin. Niet met al mijn collega’s, maar in mijn eentje. Niet met meters bier, maar met een kopje koffie. Maar toch: bouwvak!

Ik moet zeggen dat ik er wel aan toe was. De laatste dagen sjokte ik met een looprek door de gangen. Het voelde alsof ik alleen nog maar avonddiensten had en mijn laatste vrije dag kan ik me al niet meer herinneren.

Maar vandaag is de eerste dag van de rest van mijn leven. Vandaag drink ik kopjes koffie in onze achtertuin. Vandaag heeft God op mijn uitdrukkelijk verzoek een punt gezet achter de herfst. “Het was maar een geintje”, zei hij. “Ik vind alles prima”, antwoordde ik, “maar doe dat in je eigen tijd.”

De komende twee weken ga ik allerlei leuke dingen doen met mijn man. En natuurlijk naar het folkfestival van het Vlaamse Dranouter, dat is inmiddels traditie. En verder is iedere vakantiedag er één, waar zoveel mogelijk uit gehaald moet worden. Zoveel mogelijk uitslapen, zoveel mogelijk luiwammesen, zoveel mogelijk genieten, van het weer, van lekker eten, van leuke dingen. En geniet vooral mee!

  
In de wereld van het internet gaan ontwikkelingen razendsnel. Hyves is allang weer vergeten. Volgens kenners zijn Facebook en Twitter alweer over hun hoogtepunt heen. Wie heeft er nog een desktopcomputer? Nieuws lees je tegenwoordig op je tablet of je mobieltje.

Ook spelletjes komen en gaan met de snelheid van het licht. Ik weet nog dat we met de hele redactie Draw Something speelden. De muziekquiz SongPop lijkt alweer zo lang geleden. Temple Run is ook al tijden uitgerend. Sterker nog: ik heb nog maar één spelletje op mijn iPad staan.

Alleen Wordfeud heeft alle stormen doorstaan. Op het hoogtepunt had ik wel twaalf tegenstanders. Ondertussen heb ik nog drie vaste opponenten. Soms win ik, soms verlies ik, maar altijd is er een serieuze strijd geleverd.

Wat is de wijze les die we hieruit kunnen trekken? Bevliegingen komen en gaan, alleen de echte toppers overleven de tijdgeest. Voorspellingen lijken net zo zinvol als het lezen van theeblaadjes op de bodem van je kopje. Misschien kijken we over twintig jaar nog Netflix, misschien ook niet, maar Scrabble blijft altijd bestaan.

  
Vier weken geleden was de wildgroei onder mijn oog behandeld met vloeibare stikstof. Het bultje was daardoor kleiner geworden, maar nog niet helemaal verdwenen. Bovendien leken kleinere bultjes eromheen nu ineens een stuk groter. Alles is ijdelheid.

Daarom vandaag terug naar de huisarts, want de nieuwe fles stikstof was gearriveerd. Ik was keurig op tijd en ik vraag me dan altijd af waarom die ander zich nooit aan onze afspraak houdt. Een afspraak maak je immers met zijn tweeën, dacht ik.

Dan maar plaatsgenomen in de wachtkamer en daar lag de LINDA. Dat is leuk, dacht ik bij mezelf, want wanneer lees je als man nu de LINDA.? Ik ging er dus maar eens goed voor zitten. De LINDA. is namelijk een blad van wel tweehonderd bladzijdes over wat vrouwen bezighoudt.

Nou, in ieder geval niet lezen, want de LINDA. blijkt vooral plaatjes kijken. Plaatjes van mode en hebbedingetjes en mannen. Alleen waar onvermijdelijk wordt in tekst het een en ander toegelicht. Bijvoorbeeld waar en voor hoeveel dat leuke topje te koop is. Toen de assistente van dokter Van der Ploeg me na een kwartier kwam halen, was ik inmiddels twee LINDA.’s verder. Genoeg voor de eerste paar jaar.

  
De afgelopen week was voor mij een spoedcursus ‘Leren omgaan met verlies’. Het begon allemaal met mijn fietssleuteltjes, één voor het ringslot en één voor het kettingslot. Het ene moment had ik ze nog, het volgende waren ze spoorloos verdwenen.

Alles wijst erop dat ik ze thuis moet zijn kwijtgeraakt, maar denk je dat ik ze ergens kan vinden? Ook een gang langs Billy’s uitlaatrondje en naar de buurtsuper leverde niets op. Gelukkig had ik nog reservesleutels, maar die mag ik dus echt niet verliezen.

En dan dat gedoe met mijn autootje. Door die slappe band was ik ergens de wieldop kwijtgeraakt. Geen idee waar of wanneer. Misschien als ik morgen naar mijn werk rij, dat hij dan ergens in de berm ligt. Anders wordt het een kwestie van nieuwe bestellen en die komen natuurlijk alleen per vier.

Toen ik gisteren bij de dozensupermarkt mijn iPod uit mijn broekzak haalde, waren de dopjes van mijn oordopjes zoek. Ook daar moet je zuinig op zijn, want die zitten er altijd maar een paar bij. De ene zat nog in mijn zak en de andere lag op de grond. De wijze les voor als je iets kwijt bent: verzet geen stap en kijk goed om je heen. Dan is de kans het grootst dat je nog iets vindt.

  
Het was vrijdagmiddag en mijn opvolger was al gearriveerd. Nog even overdragen, zodat ik aan mijn weekend kon beginnen. Staat er nog iets belangrijks in de mail? “Voor het bedrijf staat een zwarte Suzuki Swift met een lekke band”, meldde de receptie. Het zal ook eens niet.

‘s Morgens had ik in alle vroegte mijn autootje geparkeerd. Ik had niets gemerkt, maar blijkbaar was ik toch ergens doorheen gereden. Glas? Spijkers? Even een huismeester erbij roepen, misschien dat die een handje kon helpen met mijn reservewiel. Ik moest immers toch thuis of bij de garage zien te komen.

Uit een nadere inspectie bleek dat het nog enigszins meeviel. De band was niet lek, maar alleen erg slap. Omdat ik vooral korte stukjes door de stad rij, was me dat niet eerder opgevallen. Gelukkig hebben ze op de zaak een compressor waarmee alle vier de banden werden bijgevuld.

Toen ik thuiskwam zag ik een tweede mailtje van de receptie. “De zwarte Suzuki heeft geen lekke band, maar de band is erg slap.” Daar wist ik inmiddels natuurlijk alles van, maar ondertussen hadden ze me wel erg laten schrikken. Daar moet je toch voorzichtig mee zijn, bij een man van mijn leeftijd.

  
Vorige week schreef ik hier nog dat de gemeente Eindhoven haar zaakjes goed voor elkaar heeft als het over de uitgifte van officiële documenten gaat. Vandaag moet ik ze voorwaar weer complimenteren. Waar gaat het naartoe met deze wereld?

Langs de uitlaatroute van onze Billy ligt een piepklein bosje. In de zomer is het gebladerte net dicht genoeg om niet te kunnen overzien wat er zich precies afspeelt. Kinderen maakten daar voorheen gebruik van door er een boomhut te bouwen. Maar ik meende ook ooit vast te stellen dat er een zwerver zijn intrek had genomen.

Een paar dagen geleden was het er ineens rommeliger dan ik gewend was. Zo stond er onder meer een stoel en lag er een matras. Ik was al extra op mijn hoede, want het leek me geen goed idee als onze bordeauxdog met een gebruikte heroïnespuit uit de struiken tevoorschijn kwam. Ook niet fijn voor spelende kinderen, overigens.

Gisteren zag ik al een aantal medewerkers van de plantsoenendienst en even later was alles opgeruimd. Korte metten maken ze met die zomerse bevliegingen. Keurig, zeg ik, want opgeruimd staat netjes. Voordat je het weet hebben we hier een Christiania in de wijk.

  
Een fietstochtje naar de binnenstad is dezer dagen zwaar confronterend. Waarom zijn er zoveel mensen op straat? Waarom hebben zij zoveel plezier? Moeten zij niet werken? Verdorie, die mensen hebben… vakantie. En dan hebben ze nog mooi weer ook.

Vakantie is alleen fijn als ik vakantie heb. Andere mensen die vakantie hebben als ik moet werken zijn erg irritant. Lachen, terrasjes bezet houden, lanterfanten, pierewaaien, slenteren, luiwammesen, lummelen. Dat wil ik ook!

Maar nee hoor: ik mag pas over anderhalve week. Tot die tijd moet ik avonddiensten doen. Heel veel avonddiensten. Het is net alsof er alleen nog maar avonddiensten te verdelen zijn. Als je even niet oplet heb je er weer een avonddienst bij. Ik wil ochtenddiensten!

Maar zo makkelijk is dat niet. Omdat iemand in het verleden iedereen tegelijk vakantie heeft gegeven, komen ze nu massaal mensen tekort. Het zal mij niet verbazen als ze bellen om te vragen of ik toch niet een paar dagen van mijn vakantie kan komen werken. Mooi niet dus! En ik heb mijn volgende vakanties alvast vast laten leggen. Voor de zekerheid.

  
Het internet is één grote poel des verderfs. Een vergaarbak van alles wat het daglicht niet kan verdragen: kinderporno, drugs, wapens, alles wat illegaal is vind je er. Op het www durven we ongeneerd te schrijven waar we ons in het dagelijks leven voor zouden schamen.

Maar het internet is ook een onbegrensde bibliotheek waar je alle informatie kunt vinden die je zoekt. Al je vragen worden er beantwoord. Geen probleem is zo groot of iemand anders heeft al ooit met hetzefde geworsteld.

Anton had problemen met zijn wifi. Zijn laptop herkende namelijk het signaal van onze router niet. Even zoeken in cyberspace en het probleem bleek al bekend, geanalyseerd en opgelost. Ik hoefde alleen hen na te doen die ons voorgingen en mijn man kon weer facebooken zonder ongewenste onderbrekingen.

En dan was er nog het mysterie van de onverklaarbare reserveknoopjes. Je schrijft er een stukje over en het verzamelde intellect van de virtuele wereld komt met een verklaring. Het waren helemaal geen reserveknoopjes. Het was een mogelijkheid om je broekband in te korten. Dankzij het internet zakt mijn broek niet meer af. Er is nog hoop voor ons allen.

  
Sommige kledingstukken zijn onbegrijpelijk. Daarmee bedoel ik niet dat ik niet weet hoe je een broek of een trui moet aantrekken. Soms is het gewoon moeilijk te vatten waarom ze iets gemaakt hebben zoals het uiteindelijk in je kast is beland.

Zo heb ik bijvoorbeeld een grijze halflange broek. Ik heb die al jaren en ben er erg blij mee. Een van mijn favorieten als de zon zijn gezicht laat zien. Vanmorgen viel me echter voor het eerst iets bijzonders op.

Nu snap ik ook wel dat niet alles aan een broek functioneel hoeft te zijn. Je hebt volop kledingstukken met loze ritsen of nepzakjes. Dat je iets wilt opbergen en dat het helemaal geen zak blijkt te zijn. Het oog wil ook wat. Ze maken zelfs spijkerbroeken kapot voor het mooi.

Dat kan ik allemaal volgen. Maar vanmorgen ontdekte ik dat mijn halflange broek reserveknopen heeft. Aan de binnenkant van de broekband. Ze leveren dus geen bijdrage aan het totaalplaatje. Maar reserveknopen zijn toch altijd mooi meegenomen, zul je denken. Ja, maar deze broek heeft helemaal geen knopen. Ritsen en drukknoppen, maar geen knopen. Resteert dus de grote vraag: waarom reserveknopen?

  
Als ik me ‘s morgens geschoren heb, heb ik de volgende dag al een behoorlijke schaduw. Als ik een dag oversla, gaat het al behoorlijk richting George Michael. Nog een dag later kan ik de kost verdienen als daklozenkrantverkoper.

Ik vroeg me daarom ernstig af of ik vanmiddag een scheerapparaat moest meenemen naar het stadhuis. “Voor het afhalen van uw ID-kaart kunt u geen afspraak maken”, hadden ze namelijk gezegd. Dat betekent dus achteraan aansluiten en ik kan me nog wel Oost-Europese taferelen herinneren bij het afhalen van een of ander officieel document.

Maar ook de gemeente Eindhoven gaat met haar tijd mee. Precies acht minuten nadat ik een nummertje had getrokken (E008 voor wie het wil weten) was ik aan de beurt. Mijn kaart werd door een buizenstelsel naar de juiste balie geblazen. Ik weet alleen niet hoe ze zeker wisten dat het mijn kaart was. Ik had immers geen identiteitsbewijs. Ik had ook kunnen frauderen door mijn broer te sturen.

Sneu was het medelandse kindje aan de balie naast me. Was helemaal blij dat hij zijn eerste ID-kaart mocht aanvragen. Bleken er wolken op de achtergrond van zijn pasfoto te staan. Terug naar Start en opnieuw beginnen. Je identiteit is een serieuze aangelegenheid en daar passen geen wolkjes bij.